In oktober 2018 waren we aanwezig bij de Gore-Tex Brand Snowsports Experience. Vorige week publiceerden we deel 1 van ons verslag, over Waterproofness, PFC-EC Free DWR-coatings en meer. In dit tweede deel kijken we naar het nieuwe Infinium-merk van Gore-Tex, delen we samen een mini–gear-review en ontmoeten we klimmer en avonturier Stefan Glowacz, al 20 jaar gesponsord door Gore-Tex.

Gore-Tex Infinium

Gore-Tex eerste en vooral een bedrijf in kledingtechnologie. Door uitgebreide laboratorium -en statistisch relevante veldtesten en onderzoek blijven ze steeds op zoek naar de beste oplossingen voor de eindgebruikers van outdoor sports producten. De interessante stap die Gore-Tex dit jaar heeft gezet, is om een nieuw merk op de markt te brengen: Gore-Tex Infinium. Deze “brand extension” zoals ze het noemen, brengt hen verder dan hun zo vertrouwde wereld van waterdichtheid; waar ze ook bij consumenten zo bekend om staan.

De reden daarvoor is dat Gore-Tex op veel technologieën kwam (bijvoorbeeld op ademend vermogen en winddichtheid) die verder gingen dan alleen waterdichtheid. Dit bracht Gore-Tex naar een wereld van “comfort beyond waterproofness” en veel toepassingsmogelijkheden natuurlijk. Maar om die technologieën gewoon aan een merk toe te voegen waarvan de voornaamste identiteit waterdichtheid is, zou best wat verwarrend kunnen zijn en die sterke merk identiteit verzwakken. Om een onderscheid te maken tussen deze twee productgroepen werd het merk Gore-Tex Infinium geïntroduceerd.

Waar de “black diamond” van Gore-Tex altijd al om draaide om hun “Guaranteed to keep you Dry” belofte, gaat de witte diamant van Gore-Tex Infinium over “Comfort and Performance and when these take priority over waterproofness.” Omdat het gewoon niet altijd regent en er een enorm toepassingsgebied is voor ademende, warme en comfortabele sportkleding.

Met deze stap heeft Gore-Tex ook een nieuwe markt betreden, met nieuwe ingrediënten die zelfs een toepassing hebben in urban producten. Maar het is ook zo dat ze hiermee een stap verder zetten dan dat waar Gore-Tex altijd synoniem aan is geweest, en dat is waterdichtheid. Tijdens het seminar over hun brand extension, was er een brede discussie over hoe eindconsumenten op deze stap zouden reageren en of het onderscheid tussen de zwarte en de witte diamant duidelijk genoeg zou zijn? Tot voor kort was het heel duidelijk: Gore-Tex staat voor waterdicht, en in tweede instantie ook ademend. Maar nu gaat het voor veel meer staan.

Zou dat verwarrend worden of zou de kwaliteit die Gore-Tex door hun “Guaranteed to keep you Dry” belofte heeft bewezen, overslaan op hun Gore-Tex Infinium-producten? Dat is natuurlijk een beetje koffiedik kijken, en ik denk dat vooral kwaliteit de doorslag zal geven. Als Infinium net zo goed is als dat Gore-Tex op waterdichtheid en ademend vermogen altijd is geweest, gaat het denk ik best goed komen.

Nieuwe producten waar Gore-Tex Infinium wordt toegepast zijn al op de markt, voorbeelden daarvan zijn de Norrøna Lyngen Infinium down850 Hood Jacket, Running tights by Salomon, Procline Camp Jacket’s by Arc’teryx en Woven Jogger pants by Under Armour.

Gear Review: Norrøna Røldal Jacket and Pants

Het evenement ging ook over de “experience”, het ervaren van gear met Gore-Tex-ingrediënten erin, en dat op de pistes (en daarbuiten) van Kaprun. Ik koos de Norrøna Røldal Jacket and Pants, een freeride georiënteerde set. De jas heeft een drielaags laminaat met een gerecyclede polyamide C-gebreide binnenlaag. C-knit is “a backer construction made of an extremely fine nylon circular knit fabric and a lamination procedure specifically engineered to complement this construction.” Hierdoor moet de jas zachter aanvoelen en meer ademend vermogen hebben.

Maar meer dan wat? Het vergelijken van de ademend vermogen tussen de ene jas en de andere buiten een laboratorium setting voor mijn gevoel vrijwel onmogelijk (behalve als de verschillen echt heel grot zijn). Er zijn zoveel variabelen, je eigen lichaam, de activiteit die je doet en de intensiteit ervan, de buitentemperatuur, welke andere lagen je draagt ​​… enzovoort.

Dus we gaan niet vergelijken maar ik kan je vertellen dat tijdens het snowboarden, klimmen en skiën (wat ik voor het eerst deed), met temperaturen ver boven nul, met een Löffler Transtex-basislaag en lichte Mons Royal Merino-tussenlaag, ik niet overdreven zweete. Ik had niet het gevoel te koud of te warm te zijn. En wat ik wel vergelijkenderwijs kan zeggen is dat de jas en broek zachter en comfortabeler voelden dan veel van de Gore-Tex pro-shell jassen die ik heb gedragen.

Ik vond het echt een topset. Het droeg heel fijn, zag er geweldig uit en presteerde erg goed.

Stefan Glowacz

De kers op de taart was een presentatie van de Duitse klimmer en avonturier Stefan Glowacz. Hij was net teruggekomen van een drie maanden durende expeditie naar Groenland samen met de jonge Duitse klimmer Phillip Hans. De ambitie was daarbij om “by Fair Means” te reizen wat betekende dat hij probeert de ecologische voetafdruk van zijn expeditie zo laag mogelijk te houden.

Met twee volledig elektrische auto’s reden ze in vier dagen vanuit het zuiden van Duitsland naar het noorden van Schotland. Daar stapten ze op een kleine zeilboot die hen naar de rand van ondraaglijke zeeziekte en de westkust van Groenland bracht. Daar deden ze een tweemans oostwaartse trektocht met door henzelf getrokken sleeën over de sneeuw en ijskap van Groenland. Het meeste te voet, met als doel 30 kilometer per dag, waarbij ze vooral in het eerste gedeelte vaak de 150 kilo zware sleeën over scheuren en beken en kleine riviertjes in het ijs moesten beuren. En dan die hele gelukkige momenten dat ze hun kites konden oplaten en op een dag heel veel kilometers konden maken.

Het uiteindelijke doel was om een ​​wand te beklimmen aan de oostkust van Groenland, die, toen ze aankwamen en een dagen lange approach hadden gemaakt, volledig bevroren bleek te zijn. Zelfs als hun lichamen niet helemaal op waren door weken van ontbering, waren er geen grepen te vinden en was het onmogelijk om te beklimmen.

In zekere zin was er een soort opluchting, en toen de Santa Maria, de boot die hen naar de oostkust van Groenland had gebracht, opdook, waren ze blij om aan boord te gaan en terug te gaan naar Schotland. Hoewel er nog vele dagen zeeziekte zouden volgen.

Om al Stefan’s ervaringen op te tekenen moet ik een veel langer artikel schrijven en zou ik nog veel meer vragen aan hem willen stellen. En je kon zien dat hij nog steeds bezig was met het verwerken van alle indrukken en emoties van de expeditie. Ik werd geraakt door zijn openheid. Sprekend over de ontberingen, de frustratie van het moeten zeulen met de sleeën, de angst die ze hadden gevoeld in een tent op een ijskap, een storm die buiten woedde en het besef dat, mocht er iets misgaan, ze in die omstandigheden niet gered konden worden. Wellicht onbedoeld ontdeed Stefan het idee van dit soort extreme avonturen een beetje van romantiek, wat ik eigenlijk wel heel eerlijk en verfrissend vond. Hij nam geen karikaturale houding aan van de alles overwinnende avonturier, maar deelde heel rauw zijn ervaringen, de goede en de slechte; als een echte mens die diep in zichzelf moest duiken en daar heeft gevonden welke kracht hij had en nodig had, om te doen wat hij moest doen. En het mooie gegeven dat het grote doel, het beklimmen van die wand, eigenlijk niet behaald was. En dat hij daar uiteindelijk wel okay mee leek.

Na zijn presentatie sprak ik kort met Stefan over de aard van het avontuur, (waarover ik later dit jaar iets zal schrijven) en dat bij mij heel erg resoneerde; over hoe, in een tijdperk waar alle eerste beklimmingen lijken te zijn gedaan, en alle uithoeken van de aarde lijken te zijn ontdekt, het avontuur in jezelf het volgende grote avontuur is.

De toppen die je in jezelf moet beklimmen, de stormen die je moet doorstaan, de diepten die je moet doorlopen om het uitzicht te vinden, of de ervaring  doet voelen die je dieper laat ademhalen, je hoofd tot rust brengt  en je hart doet glimlachen.

By Fair Means

Tot slot, maar zeker niet onbelangrijk, keek Stefan terug op zijn idee “By Fair Means” ambitie. Die zo klein mogelijke ecologische footprint, van de elektrische auto tot het zeilschip, en de sleeën, waarop ze al hun afval verzamelden om alleen voetsporen achter te laten terwijl ze zich een weg baanden door die geweldige natuur van Groenland. Waar bij thuiskomst pas echt bleek hoeveel afval ze hadden meegenomen.

Wat Stefan deed nadenken over wat hij kon doen om dat ook te minimaliseren. Dat is misschien het kenmerk van een grote avonturier, dat wanneer je thuis bent gekomen, je vrienden en familie hebt omhelsd, je ogen zich weer langzaam richten op de volgende horizon.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.